Het sprookje

Spring hier naar de de bronteksten..

         

Wie is de slimste: de vrouw of de man?

Dit is het sprookje waaraan de Marokkaanse feministe Fatima Mernissie, refereert om haar standpunt in relaties tussen mannen en vrouwen duidelijk te maken. En in dit betoog benadrukt ze ook dat het Feminisme niet uit Amerika of Frankrijk geïmporteerd is in Marokko, haar geboorteland. Het is een wonderlijk mooi sprookje, dat zo in de Duizend en Een Nacht opgenomen had kunnen worden. Toen ik het de eerste zag, dacht ik dat Fatima Mernissi misschien wat beschavend werk had gedaan door het sprookje meer te moduleren. Maar er bestaan in het Midden Oosten en in Afrika varianten op dit sprookje waarin duidelijk dezelfde problematiek aan de orde komt op dezelfde manier. Het verhaal moet dus behoorlijk authentiek zijn. Over het ideologisch gehalte zal ik het de volgende keer hebben.

Hieronder staan kantekeningen bij de tekst. Trek uit een aantal bevindingen niet meteen conclusies, want vanuit het perspectief van de ideologie van het feminisme vallen de meeste bevindingen anders uit.

         

(1)‏Het Arabische schrift, waarin dit sprookje is opgeschreven, heet “thuluth”. Hieronder staat de originele tekst in het Arabisch. En daarin gebeurt iets grappigs, als je weet dat de tekst door een vertelster ten gehore is gebracht. Je kunt namelijk in de geschreven tekst zien, wanneer de vertelster een woord langzaam uitspreekt, een klank langer aanhoudt of sneller praat. Omdat iets gezegd moet worden, maar voor het verhaal van ondergeschikt belang is, leidt dit tot een stapeling van letters. En de uithaal, waarbij een woord langzamer wordt uitgesproken, blijkt hieruit dat een of twee letters van het geschreven woord zijn uitgerekt van de ene kant van de pagina naar de andere. Om de spanning op te bouwen. En een stapeling van letters is er om aan te geven dat iets vlugger wordt gezegd. Het resultaat is dat je via de tekst de vertelster bijna kunt horen door wat je al lezend ziet. Dat je een letter lang uit kunt schrijven of kort stapelen, is alleen mogelijk in het Arabisch. (Maar het doet ook wel denken aan de gedichten van Paul van Ostayen.)

In het ene Arabisch kalligrafische schrift is dit meer mogelijk dan in het andere. In het “ta′liq”, het doktersschrift, is stapelen de gewoonste zaak van de wereld; in "kufic" kan het eigenlijk niet. Het “thuluth” is een tussenvorm, waarin afgewisseld kan worden tussen langgerekt en kort gestapeld. Dat maakt het “thuluth” uiterst geschikt om beeldend spraak op schrift te stellen. Je krijgt als het ware een soort muziekschrift, waarin maat, toonhoogte, ritme en klankkleur‎ in vorm uitdrukking vinden. Zie tekst hieronder! Het is een kunststukje!

         

(2) Het verhaal is aan Fatima Mernissi mondeling verteld. Deze verhaaltraditie maakt onderdeel uit van wat Orale geschiedenis wordt genoemd. In hoeverre de schriftelijke weergave authenthiek is of ontstaan is op instigatie van Fatima Mernissi is onduidelijk, maar ik zie hierin de hand van Fatima Mernissi. Het verhaal is haar omstreeks 1980 verteld door Lalla Laâziza Tazi en geïllustreerd door Saladi. De Kalligrafie is van de hand van Abderrahman Raâd.

Zoals uit het verhaal op Wikipedia blijkt, heeft de Orale Geschiedenis een speciale plaats in het Feminisme. De plaats hangt samen met de verspreiding van het Feminisme als ideologie:

Begin jaren 1970 vestigden feministen de aandacht op vrouwen als groep die door middel van mondelinge geschiedenis zichtbaar zou kunnen worden gemaakt. Vrouwen hadden tot dan toe in de regel slechts bij hoge uitzondering plaats in de geschiedschrijving, en dan vaak als ‘vrouw van’.
Voor het commentaar op het volgende blog is deze constatering van belang.

         

(3) Fatima Mernissi noemt in haar commentaar op dit sprookje zelf verschillende varianten op dit sprookje. Een variant die zij niet noemt, staat op het internet: De dochter van de koopman. ‎

         

(4)Basilicum wordt in het Nederlands ook wel koningskruid genoemd. De naam van het kruid is afgeleid van het Griekse woord “basileus” dat “koning” betekent. In een Marokkaans medicinale kruidengids staat dezelfde ‎medische indicatie als ‎op het Internet: Abdehaï Sijelmassi, pag. 60.‎‏ Er is in het ‏Arabisch‏‏‎ ook nog een woordspel mogelijk, omdat de naam van het kruid in het Arabisch, “حبك” in plaats van “حبق”, ‎‏‏verkeerd uitgesproken, de ‎betekenis‏ heeft: “jouw liefde‏”. Langs een andere weg heeft de naam met “rechtspraak” te maken, alsof in de naam nog is terug te vinden dat in vroegere tijden koningen zoals Salomon rechtspraken. De plant heet ook wel “حوق”, rechten.

         

(5)In de aanhef van het sprookje is er sprake van twee kruiden. Het ene kruid is Basilicum: zie hierboven. Het andere kruid heet Iris. De Arabische naam voor Iris is “soesan”, ألسوسان, onze meisjesnaam Suzanne. Deze Suzanne komt samen met de profeet Daniël voor in de ‎Bijbel: de schone en kuise Suzanne. Wie het bijbelverhaal goed leest zou hierin het sprookje kunnen herkennen! Wist Fatima Mernissi dit? Eerlijk gezegd, denk ik van niet. Ik heb in de vertaling aan Iris “-gras” toegevoegd om het te laten rijmen. Dit verhaal komt terecht in de Salomon-categorie, de categorie grappen met als onderwerp het recht. Verderop in het verhaal vraagt Aïsha:“Hoeveel... etc.” Deze vraag komt ook in Nasreddin grappen voor:

Savez–vous, leur dit alors le Hodja (Nasreddin), pourquoi les poissons se sauvent à la vue de l′homme,‎ et pourquoi les étoiles s′enfuient quand le soleil paraît?

Vertaling: Weet u, zei de Hodja hun, waarom de vissen vluchten bij het zien van mensen? Weet zei de Hodja hun, waarom de sterren zich verstoppen bij zonsopkomst?

         

In een ander Middenoosten grap komt het zo voor: –Bon, bon, dit le sultan; mais maintenant dis–moi combien d′étoiles il y a dans le ciel?–C′est simple, autant qu′il y a de poils sur le corps de mon âne. –En es–tu sûr? –Laisse ton vizir compter et tu verras que j′ai raison. – Bien! Et peux–tu me dire combien de poils il y dans ma barbe? –C′ est la question la plus facile: il y en a autant que sur la queue de mon âne. &nash;Ah bon? – Si tu ne me crois pas, demande à ton vizir qui s′ ennuie à ne rien faire d′enlever un poil de ta barbe puis in poil de la queue de mon âne, et tu verras qu′à la fin le compte sera juste.

Vertaling: –Goed, goed, zei de sultan; maar zeg me nu eens hoeveel sterren staan er aan de hemel? – Dat is eenvoudig. Er staan net zoveel sterren aan de hemel als mijn ezel haren heeft. – Weet je dat zeker? – Als je me niet gelooft: laat je vizier ze dan tellen, en je zult zien dat ik gelijk heb. – Goed! En kun je me ook zeggen hoeveel haren mijn baard telt? – Dat is al helemaal gemakkelijk: daarvan zijn er evenveel als er aan de staart van mijn ezel zitten. – Echt waar? – Als je me niet gelooft, vraag je vizier dan, die zich verveelt omdat hij niets te doen heeft, een haar uit jouw baard te trekken en vervolgens een haar uit de staart van mijn ezel, en zo maar door. Uiteindelijk zal blijken dat de aantallen kloppen.

Het verhaal is van oorsprong niet Marokkaans en ook ‎niet Afrikaans. Het is uit het Midden Oosten afkomstig, waarschijnlijk Joods of in ieder geval Romeins (Fenicisch) ‎en christelijk. De Iris wordt namelijk ook met het christelijke geloof geassocieerd. Komt het feminisme dus toch uit het Westen?‎

         

(6) In het Arabisch staat er “mHamSa” , محمصا. Ik heb het in de betekenis van soep niet kunnen terugvinden. Maar volgens Fatima Mernissi is het een soort soep, vergelijkbaar met “Harrira”. Letterlijke ‎betekenis misschien: “gegrild”. Of iets met “eerste” (de hamza ‐niet mHamSa– is beginletter van het Arabische ‎alfabet). Eerste Dag soep! Maar dan ook Adam en Eva, ‎de verliefdheid in de Hof van ‎Eden, omdat een lage boom langs de oevers van ‎rivieren ‎waar veel afspraakjes worden gemaakt, ook “hamza” wordt genoemd.

         

(7) Fatima Mernissi beschrijft dit spelletje, waarbij de jongen en het meisje elkaar begluren, terecht als de ‎aanloop naar een serieuze verhouding. Het Duitse spreekwoord luidt: “Was sich liebt, das neckt sich” ‎‎(Wie van elkaar houdt, plaagt elkaar). Overigens zijn het in het Bijbelverhaal over de profeet Danël en de schone en kuise Suzanne, twee oudjes die een jonge ‎meid willen bespringen. En daar komt meteen het probleem tevoorschijn: het plagen gaat over in ‎pesten. En ik ken geen sprookje, waarin dit probleem zo mooi als in dit sprookje aan de orde is gesteld.

         

(8) De vertaling van dit antwoord ( سقيطا يالقيطة) is twijfelachtig. Ik geef hier alternatieve vertalingen, omdat ze ongetwijfeld met de antwoorden van het meisje en de jongen worden geassocieerd. Het kan zijn dat er ook zoiets staat als: “Jij ongeremde ‎‎(sQT), jij poetsvrouw (lqiTa), jij die zelfs een kikkererwt tussen je borsten vandaan haalt, hem oppakt en ‎opeet.” De weergegeven en de andere mogelijke vertaling komen niet helemaal met de Arabische syntaxis overeen. Maar de strekking ‎klopt ongeveer, want het gaat erom te benadrukken hoe nauwgezet de geliefden elkaar in de gaten houden. En ik heb ‎voor de eerste vertaling gekozen, omdat die het dichst bij een juiste vertaling komt en het antwoord van het meisje beter aansluit op het antwoord van de jongen.‎ Er is zelfs misschien een vertaling mogelijk met “katje” en “kater”, maar dan heeft de kalligraaf in de schriftelijke weergave wel behoorlijk zijn fantasie de vrije loop gelaten. Dat is trouwens wel een bezwaar tegen de schriftelijke tekst. Behalve dat hij heel beeldend is voor het gesproken woord, wordt er ook gebruik gemaakt van een soort Arabische transscriptie die niet aansluit bij de standaard transscriptie. Maar er zijn zoveel transscripties van Arabisch, dat je eigenlijk niet kunt spreken van een standaard transscriptie. Over dit probleem zal ik niet verder uitweiden, omdat het niets toevoegt aan het begrip van het sprookje.

         

(9) Uit de werkwoordsvormen, zoals hier in het werkwoord “eten”, die beginen met “tay-” valt op te maken dat de vertelster uit de omgeving van ‎Fez of Meknes komt.

         

(10) Bilzekruid is volgens Abdehaï Sijelmassi (zie noot 4): ‎(pag 154) verlammend. Het zijn de blaadjes die worden gebruikt met een “parasympatolytique, antispasmodique, analgésique et sédatif du système nerveux central” werking. “C′est une plante très dangereuse……”.

         

(11) Tyrus waren we al eerder in een verhaal op maandag 30 oktober 2017 uit de oudheid tegengekomen in verband met de belegering van Tyrus door Alexander de Grote, onder de titel: Een freudiaanse vergissing? Soer is de aanduiding in het Arabisch ‎voor Tyrus, een Fenicische vestingstad. Vandaaruit vertrok Dido om Carthago te stichten.

         

(12) Volgens Kenza Sefrioui (Engels of Frans) in haar 80 Marokkaanse kernwoorden is een “lalla” een dame op leeftijd, een mevrouw die men met respect bejegent: een afstammeling van de profeet! In Fes betekent het grootmoeder. Nu betekent het in sommige Arabisch sprekende landen “hoer”. Een man kan zijn liefje een “lalla mulati”: een zwarte dame, noemen. In hoeverre het zich zwart verven en opmaken van Aïsha hiermee te maken heeft, blijft onduidelijk, maar zou kunnen. ‎Het Marokkaanse “mra” heeft de laatste tijd veel aan ‎betekenis ingeboet voor het plaatsvervangende “nisa”, dat ook in deze tekst regelmatig voorkomt. Waarom deze verschuivingen plaats vinden is in ‎het eerste geval wel duidelijk: men wil de ambivalentie rond “lalla” vermijden. De tweede ‎verschuiving heeft volgens mij geen andere reden dan de oprukkende invloed van het standaard Arabisch, ‎waardoor lokale verschillen verdwijnen.

         

(13) ‎“Glis”, خلس , of zoals het consequent in deze tekst steeds wordt geschreven, گلس, staat in Arabisch voor “zitten”. Wat ik niet wist, is dat het ook een nette aanduiding is voor “gemeenschap met elkaar ‎hebben, het bed met elkaar delen”. Vanuit het Latijn zou je het kunnen vertalen met “aanliggen”! Dat was dus soms ook niet zo ‎onschuldig als wij op het gymnasium dachten.

         

(14) Zoals in noot 11 gezegd, staat Soer voor Tyrus. De plaats Doer heb ik niet kunnen terugvinden op de kaart. Lalla (zie noot 12) Hammamat Laqçour (uitspraak: laksoer) is een Romeinse badplaats in Tunesië.

         

(15) Een “dlil”, دليل, heeft de gangbare betekenis “sleep, staartje, haarspeld? of gesp?” De laatste twee betekenissen zijn door associatie ontstaan. En een ervan heb ik voor de vertaling gebruikt. Ik moest denken aan het belang dat de ‎Romeinen aan de “fibula” hechtten: een speld om kledingstukken aan elkaar vast te maken. Een soort gesp met daarop een soort familiewapen waaraan een stam herkenbaar was. Zoiets moet het volgens mij zijn in dit sprookje.

         

(16) De huwelijksvoltrekking is in een Islamitisch land anders dan in Nederland. Op de dag van de voltrekking ‎wordt ′s avonds het laken getoond waarop het bruidspaar gemeenschap heeft gehad. De slaapkamer ‎wordt helemaal daarvoor ingericht: het bed, de meubels, een spiegel, kledingkasten etc. Dat wordt het ‎‎“zich inrichten” (“frsh”, فرش) genoemd.‎

         

(17) Hond wordt hier gebruikt in de betekenis die we al eens eerder‎, op maandag 16 oktober 2017, tegenkwamen in de Hond van Wittgenstein.

         

(18) De vertelster gaat hier ineens in de onvoltooide tijd over. Vanuit het Arabisch mag dat in de verleden ‎tijd vertaald worden, omdat uit het “onvoltooid” niet de tijd valt op te maken. Toch komt het hier over ‎alsof zij het verhaal heeft willen verlevendigen.‎

         

         

De originele teksten.

         

Fatima Mernissi

(20)Wie is de slimste 1

         

(21)Wie is de slimste 2

         

(22)Wie is de slimste 3